Voeren van CCM aan varkens
11 september 2025CCM is gemalen korrelmais met veel zetmeel en heeft een hoge energiewaarde. Het is smakelijk, bevat veel melkzuur en is een gezond product om aan de varkens te voeren. Booijink Veevoeders heeft wel een aantal aandachtspunten om CCM volledig tot zijn recht te laten komen.
Droge stof van de CCM
Kenmerkend van goede CCM is dat er melkzuur gevormd wordt. Dat kan alleen plaatsvinden als er voldoende water aanwezig is. Belangrijk is dus dat de CCM niet te droog is. Advies is dat de CCM niet droger is dan ongeveer 65% droge stof. Anderzijds is het zo dat het malen van de maiskorrels niet te moeilijk moet gaan en dat de zeef dicht gaat zitten, hiervoor mag de CCM niet té nat zijn. Advies is om niet lager te gaan dan 60% droge stof. Zorg ervoor dat je op het juiste moment oogst, zodat de CCM het juiste droge stof gehalte bevat.
→ Droge stof % van de CCM tussen de 60 en 65 procent droge stof
In- en uitkuilen van de CCM
Melkzuurvorming bij CCM vindt het beste plaats zonder zuurstof. Belangrijk is dus dat er in de kuil zo weinig mogelijk zuurstof aanwezig is. Je kunt plastic tegen de zijwand leggen en naar binnen toe dichtslaan, dat voorkomt lucht en vuil aan de randen van de kuil. Vervolgens kan als laatste over de gehele kuil plastic gelegd worden. Het mag duidelijk zijn dat de kuil goed aangereden moet worden om zoveel mogelijk lucht (zuurstof) uit de kuil te persen. Als extra ‘verzekering’ kun je een broeiremmer toevoegen. Bij broei wordt de CCM warmer, dat kost energie en gaat ten koste van de voederwaarde van de CCM.
Als je een broeiremmer hebt gebruikt, dan kan je al na 2 weken beginnen met uitkuilen, zonder broeiremmer na 6 weken. Bij het uithalen van de CCM moet er ook netjes gewerkt worden, zodat er weinig resten overblijven die kunnen gaan broeien. In de zomer is het belangrijk dat je voldoende voersnelheid hebt, minstens één meter per week, zodat er nauwelijks zuurstof kan binnentrekken. Zorg ook voor rechte snijvlakken.
→ Zorg voor zo weinig mogelijk zuurstof in de kuil.
Maalfijnheid CCM
CCM moet zo fijn mogelijk gemalen worden, fijngemalen CCM kan beter verteerd worden door het varken dan grof gemalen CCM. Je kunt met een schudzeef de maalfijnheid controleren.
→ Minimaal 80% van de CCM kleiner dan 2 mm malen.
Laboratorium analyse CCM
Als je CCM goed wilt inrekenen, dan moet je de voederwaarde kennen, hiervoor is een lab analyse nodig.
Controleer ook op de aanwezigheid van mycotoxines, mycotoxines zijn gifstoffen (bijv. DON en ZEA) die met name door Fusarium geproduceerd worden. Het toevoegen van een broeiremmer bij het inkuilen kan hieraan niets veranderen.
Bij twijfel, of er goede melkzuurvorming heeft plaatsgevonden, kun je ook de hoeveelheid melkzuur, azijnzuur en alcohol laten analyseren.
Biggen en zeugen zijn gevoeliger voor mycotoxines dan oudere vleesvarkens.
Booijink Veevoeders kan zorgdragen voor een goede analyse.
→ Weet wat je voert
CCM bevat minder droge stof dan het aanvullend voer
CCM kan verstrekt worden bij zowel droogvoer- als brijbedrijven. Bij droogvoer bedrijven is er een extra aandachtspunt: Het droge stof gehalte van CCM is een stuk lager dan het aanvullend voer, dat nodig is.
→ Hou rekening met het lagere droge stofgehalte van CCM. Overleg met de brijvoerspecialist van Booijink Veevoeders hoe hiermee om te gaan.
Wilt u meer informatie over onze producten of een vrijblijvend adviesgesprek?
Neem dan contact op met een van onze specialisten.
- Norbert Peters
- Specialist varkenshouderij
- 06 835 590 00
- npeters@booijinkveevoeders.nl

