Vacatures
Contact Login en bestel
  • voer samenstellen

Het samenstellen van een mengvoer

16 juni 2023

De samenstelling van het voer heeft veel invloed op de productieresultaten van uw dieren. Om tot een goed mengvoer te komen, is niet alleen informatie nodig over wat er in de grondstoffen zit, maar ook wat de dieren precies nodig hebben voor een optimale prestatie. Belangrijke waarden in het eindvoer zijn het energiegehalte, het eiwitgehalte met de aminozuren en de mineralen en vitamines. Energie komt voornamelijk uit zetmeelrijke grondstoffen zoals granen, eiwitten komen uit de eiwitrijke grondstoffen zoals soja, en mineralen en vitamines worden vaak toegevoegd als premix.

De waarde van het voer

Grondstoffen die in de voeders gebruikt worden, bestaan allemaal uit een organisch deel en een anorganisch deel. Het organische deel is het grootst en bevat ruw eiwit, ruw vet, ruwe celstof (vezels) en de koolhydraten, zoals zetmeel. Het anorganische deel is maar heel klein en bevat onder andere de mineralen. Voor de grondstoffen kan de voederwaarde geanalyseerd worden. Deze analyse is van tijd tot tijd nodig om een zo goed mogelijk voer samen te kunnen stellen. De voederwaarde van grondstoffen is namelijk niet altijd gelijk en kan verschillen door bijvoorbeeld de herkomst, het seizoen, het klimaat en eventueel de oogstwijze. Door regelmatig te controleren kan er gecorrigeerd worden voor grote verschillen.

Voederwaarden berekenen

Niet alle waarden van de grondstoffen kunnen geanalyseerd worden, sommige waarden moeten ook berekend worden. Bijvoorbeeld voor de energie-inhoud van grondstoffen. Dit kan op verschillende manieren, maar de meest gebruikte systemen zijn VEM of VEVI voor rundvee en EW voor varkens. VEM staat voor Voeder Eenheid Melk en is de Nederlandse energie parameter die de energie-inhoud van een bepaalde grondstof weergeeft voor melkgevende koeien. VEVI staat voor Voeder Eenheid Vleesvee Intensief en is vergelijkbaar met VEM, alleen dan voor vleesvee. EW staat voor Energie Waarde en verschilt per diersoort en levensfase. Zo bestaat er een EW-varken, maar ook een EW voor lacterende zeugen, of een EW-big.

Behoeftenormen van het dier

Om een passend voer samen te stellen, is het belangrijk te weten wat de behoeftenormen van het dier zijn. Er wordt doorlopend onderzoek gedaan naar de verschillende behoeftenormen van dieren, niet alleen per diersoort of leeftijd, maar ook per geslacht en productiefase. De normen worden up-to-date gehouden en de voeders worden daar weer op aangepast. De voeders worden uiteindelijk samengesteld door de behoeftenormen van de dieren te combineren met de voederwaarden van de grondstoffen. Dit is een continu proces, wat leidt tot de beste kwaliteit aan mengvoer.

Wilt u meer informatie over onze producten of een vrijblijvend adviesgesprek?

Neem dan contact op met een van onze specialisten.

Neem contact op

Fennie Bouwknegt, Nutritionist bij Booijink Veevoeders

Energie in het voer

Het lichaam heeft energie nodig voor vitale overlevingsfuncties, zoals de ademhaling, hartslag en temperatuurregulatie. Energieverliezen treden continu op in de vorm van warmte en afvalstoffen. Een dier heeft dus altijd energie nodig om zichzelf te onderhouden, maar ook voor de groei en productie.

Energie uit vetten

Energie komt voornamelijk uit koolhydraten en vetten in grondstoffen. Vet levert ruim twee keer zoveel energie als koolhydraten, maar vet als energiebron is geen essentiële grondstof. Wel is vet noodzakelijk voor het transport van vet-oplosbare vitamines A, D, E, K en is er een behoefte aan bepaalde vetzuren. De lever breekt vetten af tot vetzuren en glycerol. De vetzuren worden gebruikt in bepaalde organen, zoals de uiers van melkkoeien en lacterende zeugen. Hier dragen vetzuren bij aan de aanmaak van biest en melk. Het glyceroldeel van vet kan gebruikt worden als energiebron.

Structurele en niet-structurele koolhydraten

Koolhydraten zijn eigenlijk suikers, die van heel simpel tot heel complex zijn opgebouwd in verbindingen. Door een verschil in complexiteit van de verbindingen, kunnen koolhydraten opgedeeld worden in twee groepen: de structurele en de niet-structurele koolhydraten. Niet-structurele koolhydraten zijn de bekende suikers, zoals kristalsuiker en zetmeel. Dit kan snel door het dier worden afgebroken en gebruikt worden als energiebron. De afbraak van niet-structurele koolhydraten begint al tijdens de eerste hap. Door het kauwen worden de verbindingen kleiner gemaakt en door het speeksel begint de eerste vertering al. In speeksel zit het enzym amylase, wat de verbindingen tussen de suikers afbreekt. De verdere afbraak gebeurt in de dunne darm, waarna het kan worden opgenomen.

Structurele koolhydraten zijn beter bekend als de vezels in het voer. Dit zijn complexe verbindingen die uit de celwand van planten komen. Om dit te verteren is er microbiële fermentatie nodig. Koeien zijn hier goed op ingespeeld, doordat zij een heel groot fermentatievat bij zich dragen, de pens. Varkens daarentegen hebben een veel mindere fermentatiecapaciteit, enkel in de dikke darm. De bacteriën die in de pens of dikke darm zitten, produceren speciale enzymen die de vezels afbreken. De afbraak van structurele koolhydraten levert als eindproducten vluchtige vetzuren (azijnzuur, propionzuur en boterzuur) op. Deze vetzuren kunnen weer als energiebron worden gebruikt voor de bacteriën of worden opgenomen door het lichaam. In het lichaam kunnen ze weer ingezet worden, bijvoorbeeld voor de melkproductie.

Zijn eiwitten noodzakelijk?

Van alles wat in het voer zit, is het eiwitgehalte het meest besproken in de veehouderijsector. Een groot deel van de voederwaarde van grondstoffen bestaat dan ook uit eiwit. Eiwitten zijn opgebouwd uit verschillende aminozuren, die onmisbaar zijn voor mensen, dieren en planten. Eigenlijk is er een behoefte aan specifieke aminozuren en niet zozeer aan eiwit zelf. Aminozuren zijn nodig voor groei en dierproductie en daarnaast ondersteunen ze de vertering en het afweersysteem.

Eiwitten zijn aminozuren

Eiwitten bestaan uit lange, gevouwen ketens van aminozuren. De specifieke eigenschappen van een eiwit worden bepaald door de volgorde en structuur waarmee aminozuren zijn verbonden. Planten, gisten en bacteriën kunnen zelf aminozuren opbouwen uit simpele eiwitverbindingen. Echter, dieren kunnen een deel van de aminozuren niet zelf opbouwen. Deze aminozuren moeten dagelijks met het voer worden opgenomen en worden daarom essentiële aminozuren genoemd. Wanneer er een tekort is aan een essentieel aminozuur, kan groei of productie vertragen. Vaak begint het tekort bij één aminozuur, wat dan het limiterende aminozuur wordt genoemd. Bij koeien is dit methionine en bij varkens lysine. Toch zijn koeien minder afhankelijk van het aanbod in het voer, door de aanwezigheid van de bacteriën in de pens die zelf in staat zijn een groot deel van de aminozuren op te bouwen.

 

 

Eiwitafbraak

Bij koeien wordt een deel van de eiwitten afgebroken in de pens en gebruikt door de pensbacteriën om microbieel eiwit te vormen. Een ander deel van de eiwitten stroomt door naar de dunne darm om daar verteerd te worden, dit zijn pensbestendige eiwitten. Bij varkens verloopt de eiwitvertering voornamelijk in de dunne darm. In de dunne darm worden verteringsenzymen aan het eiwit toegevoegd waardoor het opbreekt in kleinere delen, zoals aminozuren. Een deel van deze aminozuren wordt hergebruikt voor de opbouw van lichaamseigen eiwitten. Aminozuren die niet worden gebruikt in de opbouw van een eiwit worden verder afgebroken. Het meeste hiervan wordt gebruikt als energie voor het lichaam, maar een klein deel wordt afgebroken tot ammonia. Dit is giftig en wordt vervolgens in de lever omgezet in ureum en uitgescheiden via de urine. Dit proces kost het lichaam veel energie.

Eiwit en energie

Eiwitten leveren een rechtstreekse bijdrage aan de energie- en eiwitvoorziening van het dier, maar het afbreken en opbouwen van eiwitten kost ook veel energie. De behoefte voor eiwit en energie kan dan ook niet los van elkaar gezien worden. Grondstoffen bevatten verschillende hoeveelheden eiwit en veel grondstoffen hebben een overschot of tekort aan een of meerdere aminozuren. Voor het beste resultaat is het bij het samenstellen van een mengvoeder van belang dat er een goede balans is tussen het aanbod aan eiwit, aminozuren en energie die aansluit bij de behoefte van het dier.

 

Blijf op de hoogte

Blijf op de hoogte van de meest actuele ontwikkelingen en meld je aan voor onze nieuwsflits!

Bekijk ons magazine

Dit magazine biedt u een uniek kijkje in onze keuken. Veel leesplezier!

Downloaden

Deze website gebruikt cookies. Door OK te kiezen of gebruik te maken van deze website geeft u hiervoor toestemming. Kies ‘Instellingen wijzigen’ voor meer informatie.
Annuleren2